Aan Twenthe (E.J. Potgieter)

Fragment

O Twente! schoon om ’t grafgesteent
Van ’t dier gebeent
Uw kransen hangen,
Gij tuigt,
Ook als de knie ge er buigt,
Geen vleitaal is ’t dat het IJssel juicht:
"Hoe waardig zag hij zich vervangen!"
Toen de uren der hervorming sloeg,
Toen ’t nieuwe leven leiding vroeg,
Toen vragen voor den vroedste rezen,
Was Tweede Willem groot genoeg
Te kiezen wien de tijden wezen:
't Verstand dat diepte aan klaarheid paart,
De deeglijkheid vertrouwen waard,
Het hoofd dat iedre school der Ouden
En elken nieuwren Staat doorzocht,
De hand, die nog het roer zou houden
Wanneer beginsel buigen mogt!

[...] Gunt al wat spint, gunt al wat weeft,
Wat nijvers leeft
In deez' landouwen,
De vreugd,
Het weêrgaloos geneugt,
De schoone schepping in haar jeugd,
Natuur, de milde, hier te aanschouwen.
HOME I MISSIE I PROJECTEN I BOEKWINKEL I PARTNERS I
CONTACT
Terug naar gepubliceerde gedichten van Jan-Paul Rosenberg
STICHTING
ACHTERLAND